Mooi, herkenbaar, stukje over fietsen:

‘Die tevredenheid herken ik.
Na een seizoen over Hollandse heuveltjes knallen ben ik er wel uit.
Alle redenen om te wielrennen die ik heb geopperd
(en alle redenen welke je nog meer kan bedenken)
komen ten slotte hierop neer: ik fiets om tevreden te zijn.
Tevreden met mezelf. Nu ik dat zo opschrijf klinkt het oubollig en tragisch tegelijk: dat ik iets moet doen dat an sich tamelijk nutteloos is en
waar ik niet eens in uitblink om een tevreden mens te kunnen zijn.’

‘Als ik fiets nemen mijn benen het malen over van mijn hoofd,
ik verlaat me volledig op hen, mijn hart en longen doen de rest.
Dan is alles in orde, dan ben ik in evenwicht.
Wie in evenwicht is, valt niet.’

 

Bron: Voortaan fiets ik kalm tegen Hollandse heuvels op | TROUW